Bicepspees Scheur

INLEIDING

Bij een bicepspeesscheur is er een volledig afscheuren van de voornaamste pees (lange bicepspees) welke de bicepsspier bovenaan met het schoudergewricht verbindt (zie: anatomie).

BESCHRIJVING VAN DE AANDOENING

Deze pathologie komt voornamelijk voor in de oudere populatie en treedt op na langdurige (over)belasting (bijv. impingement) van de schouder, waarbij geleidelijk slijtageprocessen de pees verzwakken tot deze het uiteindelijk begeeft. Bij jongere patiënten treedt dit eerder op na een trauma waarbij een plotse belasting de pees doet scheuren. Bij patiënten bij welke reeds een bestaande rotator cuff scheur bestaat, kan door overmatige opwaartse beweeglijkheid van de humeruskop de bicepspees ingeklemd geraken of uit zijn goot luxeren en uiteindelijk scheuren.

KLACHTEN

Soms herinneren patiënten een krak' gehoord of gevoeld te hebben, onmiddellijk gevolgd door een scherpe pijn. Nadien kan een blauwe plek verschijnen in het midden van de bovenarm. Daarbij kan er een zichtbare, balvormige zwelling verschijnen, vooral bij de jongere patiënten na een traumatische ruptuur. Uiteindelijk kan er duidelijke krachtsvermindering bestaan bij het plooien van de elleboog of de schouder of het roteren van de voorarm met de arm naar boven (supinatie).

ONDERZOEKEN

De diagnose van een bicepsruptuur wordt gesteld op basis van symptomen, klinisch onderzoek op de raadpleging en eventueel technische onderzoekingen. Vooral klinisch onderzoek met aantoonbare krachtsvermindering, balvormige zwelling ter hoogte van de voorzijde van de bovenarm zijn suggestief. Standaard radiografische opnames kunnen de klassieke tekenen van impingement vertonen met botsporen onder het acromion. Eventueel kan een magnetisch resonantie onderzoek de definitieve diagnose bevestigen en/ of differentiëren tussen een volledige of gedeeltelijke scheur. Geassocieerde pathologie kan gelijktijdig opgespoord worden.

BEHANDELING

Gewoonlijk wordt een bicepspeesruptuur niet-operatief behandeld, zeker in de oudere populatie. Het niet herstellen van deze pees leidt slechts tot matige krachtsvermindering, mede doordat er nog een tweede, kleinere bicepsspees (korte bicepspees, zie: anatomie) blijft functioneren. Kracht bij het plooien van de elleboog is hierdoor slechts gering vermindert. De belangrijkste krachtsvermindering treedt op voor draaien van de voorarm met de handpalm naar boven, d.i. supinatie. Conservatieve middelen bestaan in eerste fase uit het dragen van een draagdoek en anti-inflammatoire medicatie. Nadien mag eventueel geleidelijk gestart worden met mobilisatie- en tonificatie oefeningen onder begeleiding van een kinesist om alzo de andere schoudergordelspieren optimaal op te trainen waardoor het functieverlies van de lange bicepspees grotendeels kan worden opgevangen. Enkel jongere patiënten welke een volledige supinatiekracht nodig hebben of patiënten die bezorgd zijn om het esthetische uitzicht van de gescheurde biceps dienen wel een operatief herstel te krijgen. Hierbij wordt de biceps operatief in zijn goot gefixeerd met behulp van een botanker en hechtingsdraden (bicepstenodese) Dit kan technisch gebeuren via een arthroscopie of een open ingreep met een klein sneetje aan de voorzijde van de schouder. Additioneel kan de uitlokkende oorzaak, zoals bijv. impingement behandeld worden door een acromioplastie.

REVALIDATIE

Na een bicepstenodese (operatief vastleggen van de pees in de bicipitale goot), of het nu open of arthroscopisch gebeurde, is een belangrijke periode van revalidatie onder begeleiding van een kinesist noodzakelijk. In een eerste fase van de kinestherapie zal gewerkt worden op pijnvermindering en herwinnen van de beweeglijkheid. Ook hier dient gebalanceerd te worden tussen enerzijds het terugwinnen van de beweeglijkheid, maar anderzijds de bicepspees en omliggende structuren niet opnieuw te overbelasten. Pas na 2 tot 4 weken wordt gestart met actieve oefeningen voor de bicepspees. Het zijn vooral isometrische spieroefeningen waarbij de bicepsspier wordt getraind zonder stress te zetten op de bicepspees. In totaal kan 6 tot 8 weken kinesitherapie nodig zijn, en gewoonlijk duurt het 3 tot 4 maanden alvorens men kan terugkeren naar vroegere sport- en arbeidsactiviteiten.

Meer info over aandoeningen van de schouder.

 vorige      print

Contact

  Campus Sint-Lucas
Groenebriel 1
9000 Gent

  GPS: Vogelenzangpark
  09 224 65 90
  www.ortho.gent